De melkfabriek in Hoogland speelt jarenlang een centrale rol in het dorp. Werknemers starten er vaak jong en blijven lang. In 1978 sluit de fabriek definitief door veranderingen in de sector.

Op de website van de Historische Kring Hoogland (HKH) staat een schat aan informatie over ons dorp. De artikelen uit het ledenmagazine ‘De Bewaarsman’ laten de geschiedenis herleven. De komende tijd publiceren we iedere maand een verhaal over de historie van Hoogland, in samenwerking met de HKH. Dit keer aandacht voor de Hooglandse melkfabriek.

De schrijfster van het artikel -Atty Davidse- gaat in de lente van 2004 op bezoek bij Piet Eijbergen en Jan Tolboom. Beide mannen hebben jarenlang gewerkt in de melkfabriek. Het tweetal haalt herinneringen op die we hieronder kort beschrijven. De uitgebreide versie met persoonlijke anekdotes staat op de website van de Historische Kring.

Piet en Jan

Piet Eijbergen start in 1942 op veertienjarige leeftijd bij de melkfabriek in Hoogland. Hij verdient drie gulden per week en werkt als monsternemer. Piet controleert de kwaliteit van de aangeleverde melk. Later ontwikkelt hij zich verder binnen het bedrijf en volgt hij een opleiding in de zuivelverwerking. Hij maakt verschillende veranderingen in het bedrijf mee.

Laboratorium van de melkfabriek in Hoogland

Laboratorium van de melkfabriek in Hoogland.

Jan Tolboom begint in 1948, ook op veertienjarige leeftijd. Hij werkt eerst in het laboratorium en houdt zich bezig met het onderzoeken van melkmonsters. Later richt hij zich op de productie en distributie van roomijs. Hij werkt ruim twintig jaar bij de fabriek en maakt daarna de overstap naar een andere sector.

Werk en taken

De fabriek werkt met seizoenen. Alle werknemers voeren verschillende taken uit, zoals schoonmaken, meten en onderhoud. In de winter doen zij extra werk, zoals schilderen en reparaties. In de zomer is er meer melk en werken werknemers meer uren.

Jan Tolboom vertelt daarover:

‘‘s Zomers werd er 54 uur per week gewerkt, 6 x 9 uur. Op zaterdagmiddag was je vrij maar zaterdagavond moest je weer terug voor de avondontvangst. In de winter werd er ‘maar’ 42 uur gewerkt. Echter, dat betekende niet dat er niets te doen was. Schilderwerk, machineonderhoud, straatmaken en ook de vijftien bakfietsen waarmee ’s zomers het ijs werd rondgebracht, moesten worden opgeknapt. Op die bakfietsen stond: Hooglands roomijs. De belettering moest ook weer netjes worden bijgewerkt. Ik vond het allemaal heel interessant. Ik heb veel geleerd, onder andere van de tegelzetters en de schilders. Het werk op de melkfabriek was beslist niet eentonig.’

Veel melkrijders zijn ook boer. Ze brengen de melk eerst met paard en wagen, later met tractoren naar de zuivelfabriek. De fabriek verwerkt melk en levert producten terug aan boeren.

Oorlog en herstel

Tijdens de Tweede Wereldoorlog verandert de melkverwerking. De overheid bepaalt hoeveel melk geleverd wordt. Mensen uit steden zoeken voedsel bij boeren. In de laatste oorlogsperiode dient de kelder van de fabriek als schuilplaats. Na de oorlog herstelt de fabriek en gaat het werk verder.

De fabriek produceert ook roomijs en levert dit in de regio en daarbuiten. De vraag groeit, toch blijft uitbreiding beperkt. Concurrentie neemt toe en investeringen blijven nodig. Uiteindelijk stopt de ijsproductie.

Melkfabriek Hoogland personeel in 1949

Het personeel met de directeur in 1949. Achterste rij vlnr Jet Gudde, Cors de Ridder, Wim Wernsen, Wim Eijbergen, Joop Smink, Herman Gudde, Gerrit de Ridder, Kees van de Wolfshaar, Jan Gudde, Wim Gudde (directeur). Vóór Herman Gudde staat Jan Tolboom. Vooraan vlnr Hend Tolboom, Dorus Uppelschoten, (ijsventer), Daan van Dijk, Kees Smink, Gradus van Westerlaak.
Piet en Wim Eijbergen, broers, werkten beiden bij de melkfabriek, Piet als monsternemer en later als poedermaker/condensmelkbereider van 1942-1978 en Wim als bedrijfscontroleur van 1938-1978. Het is toeval dat Piet niet op de foto’s staat.

Sluiting van de fabriek

In de jaren zeventig verandert de zuivelsector. Grotere fabrieken verwerken melk efficiënter. De belangrijkste reden voor het verdwijnen van kleinere melkfabrieken ligt in het feit dat deze fabrieken zijn ingericht op bussenmelk, terwijl steeds meer boeren overgingen op tankmelken. Werknemers zien de veranderingen en zoeken ander werk. In 1978 sluit de melkfabriek definitief. De verwerking van melk gaat daarna verder in grotere bedrijven.

De melkfabriek van Hoogland stond aan de Zevenhuizerstraat, waar in 1981 het appartementencomplex Zuivelhof is gebouwd.


Over de schrijfster van het artikel op de website van de HKH:
Atty Davidse schreef gedurende lange tijd artikelen voor De Stad Amersfoort over Hooglandse personen, gebeurtenissen en verenigingen. Ze heeft ook het boek ‘Hoogland rondom de muziek‘ over St. Caecilia geschreven. Atty Davidse overleed op 9 februari 2023.